Valpartij in Parijs-Nice leidde tot hoofdwond, maar geen controle
Jonas Vingegaard heeft harde kritiek geuit op de internationale wielrenunie UCI vanwege het gebrek aan medische controle na zijn zware val in Parijs-Nice. De tweevoudig Tourwinnaar kwam in de vijfde etappe ten val en liep daarbij een hoofdwond op, maar werd niet getest op een hersenschudding – in strijd met het geldende protocol.
“Het was duidelijk te zien dat mijn bril kapot was en ik had bloed op mijn gezicht,”
zei de 28-jarige Deen maandag tijdens een persconferentie.
Geen medische check ondanks duidelijke symptomen
Vingegaard viel met zijn hoofd op het asfalt, maar er volgde geen standaardcontrole zoals voorgeschreven in het UCI-protocol. Dat schrijft voor dat een renner na een val op het hoofd direct moet worden getest op symptomen als duizeligheid of misselijkheid.
“Dat is niet gebeurd. Het hielp ook niet dat de wedstrijdarts niet meteen bij me was,”
aldus Vingegaard.
“Ik ben op eigen initiatief naar de arts toegegaan.”
Vingegaard: “Renners met hoofdletsel moeten verplicht getest worden”
Volgens het reglement had Vingegaard de koers moeten verlaten. Toch reed hij de etappe uit, terwijl de diagnose van een mogelijke hersenschudding pas achteraf werd overwogen.
“Ik denk dat het goed is dat elke renner die boven zijn schouders een wond oploopt, verplicht een test moet ondergaan,”
stelt hij voor.
Herstelperiode was zwaar: “Ik sliep constant”
Na de val heeft Vingegaard geen wedstrijden meer gereden. Hij beschrijft zijn herstel als bijzonder zwaar.
“Die eerste vier dagen moest ik steeds anderhalf uur slapen als ik een uurtje wakker was geweest. Ik heb mijn fiets vier dagen niet aangeraakt.”
Rentree in Critérium du Dauphiné
Vingegaard maakt zich nu op voor zijn rentree tijdens het Critérium du Dauphiné, dat van 8 tot en met 15 juni plaatsvindt. Hij richt zijn vizier alweer op de Tour de France, die hij in 2022 en 2023 won.
“Hopelijk kan ik beter zijn dan ooit tevoren. Alleen dan kan ik meedoen om de Tour-zege.”

